Zoeken

Paper&Zout

De etalage van mijn liefde voor taal met verhalen die niet per se waar zijn

Categorie

Liefde voor eten

Over eten en diëten. En waarom eigenlijk?!

Inzichten vanaf de statafel

Het is een dinsdagavond in november, 20.30 uur. De straatjes om me heen zijn smal en buiten is het donker. Donker, maar toch warm. Warmer dan thuis in ieder geval. En ik zit alleen aan een statafel in een restaurantje in Barcelona. Voor mij staat een halfvol glas rode wijn (duidelijk ruimte voor meer), mijn Moleskine schrijfblok en daarnaast liggen drie saté-prikkers en een leeg, plastic bakje. Die prikkers en het bakje gebruikt de meneer achter de bar zo om te bepalen hoe veel ik heb gegeten en hoe veel ik moet betalen. En in mijn schrijfblokje krabbel ik. Gewoon wat gedachtes, verhalen en herinneringen. Soms fictie, soms non-fictie.

Barcelona is de stad waar ik dacht te gaan wonen, als ik later groot zou zijn. Ik was toen vijftien en vraag me af of ik dat Later van toen al gepasseerd ben. Of misschien is het wel nu. Is later nu: 32 jaar en twee eigen bedrijfjes? Hoe dan ook, denk ik nog steeds dat ik later best in Barcelona zou kunnen wonen.

Dat alleen aan een statafel zitten, is wel een dingetje. Vind ik. Het eten is zo lekker en het concept van prikkers-tellen-en-betalen vind ik zo leuk dat ik het graag met iemand wil delen. Niet Facebook-delen, maar hier en nu delen. Gewoon dat er dan twee glazen wijn op tafel staan en dat niemand vraagt of de stoel naast me bezet is, omdat er iemand op zit. Een beetje melodramatisch kijk ik om me heen en zucht eens diep. Ik zie een stelletje aan de bar zitten dat ieder naar hun eigen telefoon kijkt. Ik zie een groepje vrienden een beetje stoïcijns voor zich uitkijken. Ik geef ze mijn verhalen mee, maak ze onderdeel van complottheorieën en verweef dit met de werkelijkheid. Beetje zoals Paula Hawkins in The Girl on the Train doet, maar dan iets minder psycho. Hoop ik. Zo dacht ik zo-even nog dat die twee naast mij vader en dochter waren, maar na een kleine analyse van hun lichaamstaal lijkt die interpretatie weinig plausibel. Het schrikeffect bij mij lijkt er wel groter van te worden. Misschien zijn ze tóch vader & dochter, maar dan met een liefdesrelatie. Hóé zou je zo ver kunnen komen? Mooi vind ik dit soort overpeinzingen. Ik ben een sucker voor dit soort absurde verhalen, affaires en intriges. Ik zou het bijna jammer vinden dat ik nooit het leidend voorwerp ben geweest in een ordinaire affaire in de kantoortuin.

Weer even terug naar het restaurant en het eten. Langzaam maar zeker loopt het vol. Ik wilde schrijven dat ik verbaasd ben dat ik de enige ben die hier alleen is, maar eigenlijk ben ik dat niet. Want ondertussen staat er een tapa voor me. Een stukje zalm met een uitgeperste teen knoflook erop. Misschien twee. En God, wat ben ik blij dat ik hier alleen met mijn (inmiddels #2) glas wijn en schrijfboekje zit. Proost!

PS Twee bedrijfjes? Ik? Correct! Binnenkort lees je er meer over!

Hashtag fail.

Het niet-drinken van alcohol is een bijzondere gewaarwording. Voor mij en voor velen om mij heen. Voor mijn vriendinnen en vrienden in the inner circle. Ze wilden bijvoorbeeld niet meer met me borrelen, maar wel met me lunchen of koffie drinken. Andere opvallendheden deel ik graag op deze maandagochtend.

Zonder geloofsovertuiging, zwangerschap of alcoholintolerantie is er geen reden om geen alcohol te drinken. “Bier”, “Biertje, alsjeblieft” “Mag ik een wijntje?” “En voor mij een… Spa Rood”

Die laatste dat was ik, toen ik met drie vriendinnen in de kroeg zat. Mijn keuze voor Spa Rood werd geclassificeerd als saai, stoffig en vervelend. “Eén biertje kan toch wel?”

Klanten vinden ook het fascinerend. Ik heb een aantal wonderlijke verklaringen en aanleidingen gehoord. Helaas niet geschikt voor mijn openbare blog. Een andere klant diende een motie/ verzoek tot rectificatie in omdat ze het nérgens op vonden slaan dat ik alcohol af heb gezworen. Bovendien, zo betoogden ze, sprak ik mezelf tegen want een tijdje geleden schreef ik zelf dat ik nooit zou stoppen met drinken. “Ongehoord,” dat vonden ze ervan.

Mijn date A vond het hele concept wel grappig, interessant en kon zo eens kijken of hij me ook leuk vond als ik geen alcohol dronk. Op een vrijdagavond zat ik met hem in een kroegje, keek hem diep in zijn blauwe (?) ogen aan en zei dat ik eigenlijk heel veel zin in een gin tonic had. Hij glimlachte en bestelde een Spa Rood voor me. Want, zo betoogde hij, anders zou ik de volgende dag spijt krijgen. Fair enough. Iemand was punten aan het scoren. Dat hij me trouwens drie dagen later belde om te zeggen dat hij na drie dates tóch niet verliefd was, had niets te maken met mijn alcoholloze maand.

“Alcohol is de belofte van de avond,” schreef Ernst-Jan Pfauth op De Correspondent in de evaluatie van zijn dertig alcoholloze dagen. Als nuchtere in een groep vol aangeschoten vrienden, ben jij het geweten. Hij vond de constante verklaring die van je verwacht wordt vermoeiender dan het niet drinken zelf.

Ik heb het anders ervaren. Leuke dingen vieren, vind ik gewoon feestelijker met een mooie Gin Tonic erbij dan met een Spa Rood. En bij stomme dingen bekt het gewoon lekkerder om te zeggen: “Geef mij maar een Gin Tonic.” Dat vind ik. En dat vind ik echt.

Afgelopen donderdag zat ik ver, ver weg in een hotel ergens langs een rijksweg. Alleen. Het was niet mijn beste avond. Ondanks warm bad en sushi. Het contrast met de avond ervoor kon niet groter. Een zakelijke tegenslag, een door de neus geboord ADE-feestje en ik vroeg me af waar ik in hemelsnaam allemaal aan begonnen was. En ook al had ik bigger fish to fry, die date die het allemaal niet leuk genoeg vond, daar begreep ik ook weinig van. Bob belde, draaide zijn auto om en gebood mij te melden in de lobby van het hotel. En toen bestelde ik een Gin Tonic. Met Hendricks Gin dus. Sorry mensen. En vooral, sorry Maarten.

Hashtag fail.

PS God straft meteen: Hendricks werd verkracht door Royal Club met een Van der Valk roerstaafje.

okSOBER: geen alcohol in oktober. Doe je mee?

Er is altijd wel een reden voor een glas wijn, een biertje of een Gin Tonic. En als er geen reden is, is dat de reden. Als een soort rode draad gaat het door het leven, ook al ontken ik in alle toonaarden dat ik een alcoholprobleem heb. Of er ook maar aan twijfel of ik alcoholist ben. Alcoholisten die gaan naar meetings, ik naar feestjes. Ik drink niet omdat het echte leven me zwaar valt of om verdriet te verdrinken. Ik drink niet omdat ik me alleen voel of om ellende te vergeten. Ik drink voor de gezelligheid en omdat ik geniet van de smaakexplosie van een gin tonic. En met mij, mijn gehele generatie vermoed ik. Of in ieder geval een groot deel ervan.

Alcoholisten drinken bij het opstaan, of staan in de rij bij de Albert Heijn met een halve liter lauwe Euroshopper bier. Ze hangen alleen aan de bar in een lege, bruine kroeg of (en) er hangt zo’n walm alcohol en mufheid om hen heen. Toch? Dat strookt niet met het alcoholgebruik van mij of mijn omgeving. Wij drinken bij het eten, soms ervoor. Een aperitief: een concept met zo’n sjieke naam kan geen slecht nieuws zijn. Soms gaat er niets boven een frisse witte wijn bij een lunch op een zonnig terras. Wij drinken in de kroeg waar bier, wijn of GT een fijne begeleider van een goed gesprek is. Of een ongemakkelijk gesprek. Maar het comazuipen of bingedrinking? Nee, dat doen we niet.

Ook moest ik denken aan die gokverslaafde mevrouw uit de Louis Theroux documentaire Gambling in Vegas. Zij zat zeven dagen per week achter een fruitautomaat, had tout de erfenis van haar man erdoorheen gejaagd en hield vol dat ze niet verslaafd was. Ze vond het gewoon leuk en kon ieder moment stoppen. Als ze wilde. Maar ze wilde niet.

Dus ja. Een maandje zonder: gewoon om te kijken hoe het gaat. Kijken of drinken inderdaad zo sociaal geaccepteerd is als ik denk. En om te kijken hoe anderen erop reageren als je zegt dat je even niet drinkt. Een vakantie voor mijn lever. Geen alcohol in oktober: okSOBER. Wie doet mee?

OKSOBER

Officiële aankondiging

Donderdag. Dat wordt de dag dat mijn leven gaat veranderen. Of, laat ik het even nuanceren: donderdag breekt een periode van vijf weken aan waarin ik allemaal dingen ga doen die ik nog nooit gedaan heb. Allemaal het gevolg van een moment van serious verstandsverbijstering.

Namelijk…
… donderdag heb ik een intake met een diëtist. En dan gaan we het hebben over gezond eten en hoe ik gezonder kan eten. Ik krijg persoonlijk voedingsadvies. Waarschijnlijk word ik dan ook gewogen, opgemeten en doorgemeten. Echt te gek! (…)
… de vijf weken die volgen, ga ik drie keer in de week bootcampen. Drie keer in de week word ik afgemat. En publique. In het Vondelpark. Drie keer in de week: ook vrijdagavond. Dahag vrijdagmiddagborrels. Door een fitte dude of (erger) chick die tegen me schreeuwt en me opjaagt terwijl mijn hoofd op ontploffen staat en ik alleen nog piepend adem kan halen.
… De diëtisten houden een vinger aan de pols en aan het einde word ik waarschijnlijk wéér opgemeten, doorgemeten en gewogen.
… En de grap van dit alles: ik betaal ervoor.
… En misschien nóg grappiger: ik was nuchter als de priester toen ik bedacht dat dit precies was wat ik nodig had en me inschreef.

Alles voor het goede doel. Maar diep van binnen vrees ik met grote vrezen. Betekent dit dat ik nooit meer een wijntje mag drinken? Of dat ik nooit meer koolhydraten mag eten? Of alleen nog maar veredeld vogelvoer? Het is echt mijn grootste nachtmerrie dat ik er ‘zo een’ word: zo’n voedselnazi, dieetdictator, lijnzaadzendeling. Daarom, doe ik een paar beloftes. Een beetje aan jullie, maar vooral aan mezelf.

  • Ik word geen quinoakut. Pinky promise.
  • Nooit zal ik mijn koffie verkeerd drinken met soya-, amandel- of (ja het bestaat) havermelk. Volle melk is my latte religion.
  • Ik post geen foto’s van water met een sliert komkommer erin op Facebook, Twitter of Instagram. Als ik een sliert komkommer de wereld inslinger, komt dat omdat de gin & tonic erbij zo lekker smaken.
  • Ik beloof dat ik niet stop met bier, wijn of GT drinken. Ik herhaal. Ik stop niet.
  • Ook zal ik niet ouwehoeren over zelfgemaakte proteïnerepen. WTF.
  • Of klagen over terrordadels in de keukenmachine.
  • Ik ga me niet schuldig voelen als ik een keer de lekkerste hamburger van Amsterdam eet bij stamkroeg De Walvis.
  • Ik zal veredeld vogelvoer niet verafgoden. Chiazaden en lijnzaad horen in een keukenkastje, in mijn overnight oats en niet op een foto.

Nou. Ik hou je op de hoogte.

Je bent zelf (een) granola!

Kolere. Ik durfde het bijna niet meer. Schrijven, bloggen en vooral… publiceren. Waarom? De statistieken van mijn ontslagbrief gingen namelijk door het dak. Ik was hysterisch en enorm in de gloria. Daarna volgde de verlamming… Hoe nu verder? Beter kán het eigenlijk niet.

Iemand vertelde me vorige week het verhaal van Bernard Loiseau: de Franse chef-kok die zelfmoord pleegde op het moment dat hij niet méér kon bereiken dan hij op dat moment had bereikt. Nu realiseer ik me dat enige vergelijking tussen mij en meneer Loiseau wat ver gaat. Daarom verijdel ik mijn schrijverszelfmoord, as we speak.

Maar voor de verandering blijf ik wel in de culinaire sferen. Ken je granola? Het is de hippe naam voor ordinaire muesli. En het mooi is, je kunt het supermakkelijk zelf maken. En dat doe ik tegenwoordig. Braaf ontbijt ik iedere dag met granola en yoghurt. In de keuken staat een grote pot met zelfgemaakte granola. Het heeft iets kneuterigs en ik geniet er met volle teugen van.

Granola staat nog niet in de Dikke Van Dale, maar dat lijkt slechts een kwestie van tijd. Niet alleen omdat de Nederlandse bevolking het woord gebruikt. Ok. Ok. Misschien gebruiken we het alleen in Amsterdam. Granola is ook echt een leuk woord! Het klinkt gewoon fijn en rolt zo lekker door je mond.

Aan de dames en heren van de nieuwe-woorden-ballotagecommissie wil ik graag het volgende zeggen:
Willen jullie ervoor zorgen dat granola niet alleen maar een zelfstandig naamwoord wordt in het Nederlands? Ik bedoel, je kunt het woord véél breder inzetten dan alleen in combinatie met yoghurt. En laat dat legaal worden. Je kunt er zo veel meer mee! Eeuwig zonde als we die mogelijkheden onbenut laten. Of zelfs degraderen tot een illegaal gebruik. Deze zinnen zijn toch te gek:

  • Je bent zelf een granola
  • Dat is zó granola

Dan laat ik de precieze definitie even aan jullie over. Maar je kunt het dus gebruiken om mensen te beschrijven die omgevingsbewust zijn en zich actief of passief inzetten voor een betere wereld. Met een vleugje yuppigheid.

Hartelijke groet,
Simone Dolk

Koffie. Lekkere koffie

Een van de rode draden in mijn leven is koffie. Er gaat niets boven een fijne koffie verkeerd om de dag mee te starten. Of een straffe espresso machiato. Koffie biedt uitkomst op de momenten dat ik denk dat ik echt niet meer kan. Hij (koffie = mannelijk. Heel wonderlijk.) sleept me erdoorheen. En houdt me op de been. Of gewoon omdat ik er zin in heb. Koffie is echt een delicate matter.

In het weekend
Met een vriendinnetje of alleen met een boek, Lonely Planet, blocnote en pen… Koffie is de stabiele factor. Met de lekkerste bij de Koffiesalon, de leukste bij de heren van Two for Joy en de makkelijkste bij de Bagels & Beans om de hoek.

En dan. Op werk
Ik vind van alles van de koffie uit de DE-automaten op werk maar vooral het volgende. Het is aandoenlijk hoe vaak ik al heb geprobeerd om een heel kopje daarvan te kantelen. Dat is me in anderhalf jaar nog geen enkele keer gelukt. Iedere keer denk ik dat ik het in mijn hoofd erger maak dan het echt is. En iedere keer ben ik wéér teleurgesteld. Maar echt. Superlatieven schieten tekort. Wat heb ik, of hebben wij De Werknemers, gedaan om zulke slechte koffie te verdienen? Of (de onvoorstelbare optie) zijn er collega’s die de koffie wél lekker vinden? Soms vermoed ik een complottheorie. Ben ik hier onderdeel van een survival-of-the-fittest testgroep? Of zitten de Duitsers hierachter? Ik bedoel, het zal niet gaan om een groots-en-meeslepend complot zoals de Dolkstootlegende of de twijfel over de dood van Tupac, Elvis en Osama. Maar ik vind het op zijn minst net zo fascinerend.

Trouwens
Op de website van Managersonline vind je leuke uitkomsten van een onderzoek over het effect van goede koffie op de werkvloer.

PS
Een hardloopupdate. Dat doe ik nog steeds. Ik heb gisteren een rondje gemaakt van 6,3 kilometer. Rennen en wandelen. Want alleen rennen, mag natuurlijk niet van Laura [Lôràh]. Maar goed, waarschijnlijk mocht ik ook niet 2x het programma van week 3 achter elkaar lopen. Maar sodeju, wat was dat lékker! Zo lekker dat ik meedoe aan de Dam tot Dam. De 4 mijl dat wel. En mijn streeftijd? Sowieso sneller dan Michiel, de marketingdirecteur. Ha!

Karamelsores

Afgelopen anderhalf jaar heb ik communicatietrainingen gegeven. Eén van de mantra’s daar was: “Verplaats je in de lezer!” Ook mijn visie op schrijven is dat je veel interessantere teksten schrijft als je je verplaatst in je lezer. “Wat wil de lezer weten” in plaats van “wat wil ik vertellen”. Kortom, alles wat ik hier niet doe. De tagline van Paper&Zout is ‘over koken, schrijven en eten’. Ongeveer alles waar ik nog niets over geschreven heb. Gelukkig ga ik daar vandaag verandering in brengen. Een verhaaltje over schrijven én eten. Man oh man, ik kan ook alles met woorden. Here we go.

Weet je waar ik écht een hekel aan heb? Onleesbare recepten. Onuitvoerbare instructies. Pertinente leugens.

Een concreet voorbeeld. Een tijdje geleden ging ik met frisse moed aan de slag met een semifreddorecept (“Is dat één woord?” hoor ik je denken. Ja. Dat is één woord). De eerste stap voor een perfecte semifreddo is karamel. Volgens het recept maak je dat zo: “Breng de suiker met 4 el water op laag vuur aan de kook. Laat in 10 min. inkoken tot een goudbruine karamel.” Chill. Klinkt als een succesproject.

Dat is dus niet waar. Ik heb het drie keer geprobeerd, maar na 10 minuten had ik nog steeds water met opgelost suiker. Dus ik liet het langer doorkoken. En toen zat er weer suiker in mn pannetje. Hier kan ik dus niet tegen: ik volg de instructies perféct op en het lukt niet. Geen karamel. Mijn monsterlijk gebrul vulde de keuken en ik moest me inhouden om niet de pan tegen de muur te smijten. Gelukkig ben ik doelgericht ingesteld en ik wist dat schreeuwen en met pannen gooien mij geen karamel oplevert.

Gordon Ramsay bracht mij de oplossing. Op YouTube legde hij in een filmpje uit hoe ik de perfecte karamel kon maken. Aan het einde kon ik alleen maar denken: “F*ck you, Allerhande. Het lag dus niet aan mij.” Ik hoefde dus helemaal geen water toevoegen! Een pertinente leugen dus in het recept. Met al mijn goede wil, culinaire talenten en kennis van de Nederlandse taal had ik er dus nooit geen karamel van kunnen maken. Zonde.

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

Omhoog ↑